1994
Zoals verdwaalden in een woestijn
Vragen wij ons af waarom we hier zijn
Wat is het toch dat mensen bindt
Dolend in leegte
Hopend dat men het geluk vindt
Elk geloof of religie geeft hieraan haar eigen betekenis
Terwijl de ware kracht
De liefde voor jezelf en
Jouw medemens is
Als elk individu
Dit gevoel weer laat verschijnen
Dan pas
Zal de rampspoed van de aarde verdwijnen
Eenieder zal dan zijn/haar geluk vinden
En bevrijd worden uit het donkere land
Der blinden.
Als jij in het donker loopt
Zal ik jouw weg verlichten
Als je dreigt te verdwalen
Zal ik je richting geven
Als jouw tranen vloeien
Zal ik je troosten
Als je je verlaten voelt
Zal ik er zijn voor je
En als jij je gelukkig voelt
Zal mijn hart overlopen van
Blijdschap.
Geen tegenstand zo groot
Of wij zullen overwinnen
Geen berg zo hoog
Of wij zullen die beklimmen
Geen tranendal zo diep
Of wij zwemmen er doorheen
Want de vlam in onze harten
Zal nog meer oplaaien
De ijzige kilte
Zal verwarmd worden en
Tenslotte ontdooien.
Mijn droom vervaagt
Als de gloed van de ondergaande zon
Het licht wordt donker
Donker wordt zwart
Gevoelens worden ingepakt
Verstopt achter een muur
Emoties weggedrukt
Om de vlam te doven.
Het is weer nacht in mijn leven
Niets kan mij nog deren
Uiterlijk onbewogen
Innerlijk een tranendal
Wachtend op de dood
Die zich
In figuurlijke zin
Reeds heeft aangekondigd.
Je bent het zonlicht in mijn duisternis
De fonkelende ster in mijn hemelzwart
Je doet mijn dromen tot leven komen
Pompte weer liefde in mijn hart.
Ik neem het kind in bescherming
Probeer het gerust te stellen
Het zegt, zie je wel
Ze zijn allemaal hetzelfde
Mensen willen alleen maar kwetsen
Nooit meer zal ik nog huilen
En altijd verscholen blijven
Zodat niemand mij ooit nog kan zien
Want ik ....
Mag toch niet gelukkig zijn.